archiveren

Tagarchief: Enschede


Het is al weer even geleden dat ik hier iets gepost heb. Ergens begon het weer te kriebelen en ik hoop de komende tijd weer meer te schrijven over onderwerpen die politiek, kerk en/of de samenleving raken. Vandaag een stuk over Enschede, over de nasleep van een aantal controversiële onderwerpen en als voorbode op de komende gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart 2018.

De afgelopen twee jaar hebben twee onderwerpen de samenleving in Enschede flink bezig gehouden: de bouw van een nieuwe moskee en het AZC debacle met Pegida en Antifa protesten in de nasleep. Het zijn ook twee onderwerpen waarin de lokale politiek het liet afweten of geen antwoorden had. Hiermee is een voedingsbodem gecreëerd waar de PVV al gretig gebruik van wil maken. Een verkiezingsprogramma zullen ze niet eens meer nodig hebben, met dank aan het huidige politieke klimaat in de stad.

De nieuwe moskee

De komst van de nieuwe moskee, of beter gezegd: Turks Cultureel Centrum, heeft de afgelopen jaren heel wat stof doen opwaaien. Maar nu alle procedures netjes gevolgd zijn en de laatste bezwaren van tafel zijn geveegd gaat het er precies zo komen zoals oorspronkelijk bedoeld was. Een aantal kleine concessies rondom het geluidsniveau van de gebedsoproep en de omvang van een winkel zijn voor de buurt een pyrrusoverwinning. Massaal deden bewoners mee aan het democratisch proces door verschillende infobijeenkomsten te organiseren en in te spreken bij commissievergaderingen van onze gemeenteraad. Maar juist de partijen die zeggen dat de politiek meer naar de inwoners moet luisteren lieten het afweten. De partijen met een humanistische inslag vonden dat de vrijheid in de omgeving van het Diekman best mag inboeten. Ik kan me de vragen van het GroenLinks Raadslid nog precies herinneren: ‘hoeveel mensen vertegenwoordigd u?’ De beste man keek hem eerst verbouwereerd aan maar was resoluut in zijn antwoord: ‘We zijn met de hele flat bij elkaar gekomen en ik spreek namens allen.’ Het is een statement dat weinig politici zelf kunnen maken. De  Raad luisterde, de Raad sprak en de Raad deed uiteindelijk helemaal niets. De kracht van de Nederlandse democratie is dat de meerderheid geen dictatuur over de minderheid kan vormen, maar als een proces voor inspraak wordt gestart en er vervolgens niets mee wordt gedaan, waarom dan de ruimte voor inspraak bieden?

Pegida, Antifa, Fortress Europe, Nazi’s en alles wat maar tegenover elkaar kan staan

Op 18 juni jl werd een demonstratie van Pegida in Enschede verboden. Voorman Edwin Wagensveld zwoer om terug te komen. Er waren waarschijnlijk meer agenten op de been dan er demonstranten waren, maar op 18 september konden zij Enschede deelgenoot maken van hun meningen en frustraties. Ze hielden hun praatjes, trokken en duwden wat met de politie en scholden de huid van de Antifa groepen aan de andere kant van het stadshart de huid vol. Men ging weer weg en het leven in Enschede ging weer zijn gangetje. En weer bleef het stil in politiek Enschede. Geen nieuwsberichten, geen debat, geen vragen en nauwelijks een tweet over deze kleine democratische aardbeving. Het lijkt alsof men afgesproken heeft om het te negeren en dood te zwijgen. ‘We gooien er wel weer een democratisch festival tegenaan’ lijkt men te denken. Dat de burgemeester zich inhoudelijk afzijdig hield en alleen bezig was om samen met de politie de boel in goede banen te houden en de openbare orde te handhaven valt hem te prijzen. Maar heeft politiek Enschede hier dan echt niets over te zeggen? Of houdt men het kruit droog tot een verkiezingsdebatje voor de raadsverkiezingen waar nog geen 50 mensen op af komen?

Inwoners redden zich wel

En het hoeft niet heel moeilijk te zijn. Ergens in 2016 organiseerden een aantal buurtgenoten op het Hogeland een informatiebijeenkomst. De werkgroep Kuipersdijk was er bij om tekst en uitleg te geven over de gesprekken die met gemeente en moskeebesturen waren gevoerd. Bij de bijeenkomst waren een drietal kaalkoppen van DTG (Dolphia Tegen Gemeente naar ik aan neem) in zwarte bomberjacks overduidelijk aanwezig. Ze deelden wat foldertjes, met een hoop spel en grammaticafouten er in, uit over de mogelijke komst van een Asielzoekerscentrum. Het één had natuurlijk niets met het ander te maken maar toch, er is publiek, het heeft met buitenlanders en de islam te maken, dus waarom niet. Nog voor de eerste spreker het woord nam stond een man uit het midden van de zaal op: ‘Ik vind het prima dat jullie hier zijn maar dit heeft niets met jullie groepje te maken. We bespreken hier dingen met de buurt en zitten niet op gedoe te wachten.’ Even later probeerden ze nog een statement te maken, en weer werden ze terug gefloten door een groepje bewoners.

Maar toen Pegida en Antifa naar Enschede kwamen was er geen één politicus die zoiets deed. Geen één die opstond en zei: ‘Wij zijn niet van de extremen in Enschede. Wij wijzen partijen die standpunten met geweld bij zetten af en gaan juist met elkaar, bewoners en bestuur, in gesprek.’ Zelfs een verhitte discussie in het stadhuis waarbij een inwoner bijna neus tegen neus met de wethouder stond werd netjes gevoerd. Dat dit kon is mooi en het moet de norm zijn dat er geen geweld gebruikt wordt. Alleen wat is de waarde van inspraak en burgerparticipatie als besluiten door een college genomen worden en bepaalde belangen door de meerderheid van de Raad terzijde worden geschoven? Dit is geen pleidooi voor het verbieden van moskeeën of AZC’s, het is een pleidooi voor een politiek die inwoners serieuzer neemt, buiten de lijntjes van een coalitieakkoord durft te tekenen en zich wapent tegen populistische partijen die alleen een specifieke achterban en belang willen dienen.

Het bleef weer stil in en rondom het stadhuis. De partijen zijn druk met het schrijven van hun programma’s (Meer werk, een groene stad, bewegingsruimte voor onze kinderen en zoveel meer waar je het niet mee oneens kunt zijn) en zoeken daarbij de juiste personen voor op de lijsten (dit is best wel moeilijk). Maar ze kunnen zich niet veilig wanen door te denken dat een Pegida aanhanger de kiesdrempel toch niet haalt (ongeveer 350 stemmen zijn nodig om met voorkeursstemmen gekozen te worden). Ruim 55% van de Enschedeërs heeft in 2014 niet gestemd en er hoeft maar één schreeuwlelijke partij tussen te zitten die roept: ‘De politiek hier luistert niet naar haar burgers!’ om dit potentieel aan te boren. Afgelopen week zijn ze hun campagne al begonnen. Ook al ziet men niets in de standpunten van een Denk, PVV of soortgelijke partij, in een moderne democratie wordt daar niet meer naar gekeken en is een stem voor eigenlijk meer een stem tegen. Ik mag hopen dat partijen die op deze manier campagne gaan voeren geen gelijk krijgen en we meer gaan horen en merken van onze huidige vertegenwoordigers.

Advertenties

Over de transitie in de jeugdzorg wordt veel gesproken en nu zo langzaam aan gelukkig ook besloten. Iedereen is het er wel over eens dat er veel op gemeentes af komt en dat de financiering eerder aan de krappe dan ruime kant zit. Echter door maar te blijven roepen dat er niet genoeg tijd en geld is en dat de kwaliteit achteruit zal hollen schiet niemand iets op, gemeentes niet, zorgaanbieders niet en clienten zeker niet. We moeten juist bezig gaan met de zaken waarvan we al weten dat we ze op moeten pakken en binnen de kaders en beperkingen die er zijn de transitie zo goed mogelijk inrichten. Ik steun iedere oproep richting Den Haag om de gemeentes meer tijd te gunnen, maar we weten dat we niet aan de transitie ontkomen en kunnen het ons niet veroorloven om op de uitkomst van deze discussie te blijven wachten.

Zowel in de stedelijke commissie als in de Raadsvergadering van 24 juni jl heb ik de bezuiniging, want daar gaat het vanuit rijkswege wel in de eerste plaats om, zeker niet als zoete koek verkocht. De mening dat de transitie voor sommige partijen automatisch in kwaliteitsverbetering uit zal pakken deel ik niet, wel zie ik kansen en mogelijkheden om daadwerkelijk veranderingen in het systeem aan te brengen die zowel de clienten als de financiers (voor een groot deel de belastingbetaler) voordelen op leveren. Hiertoe moeten wel bestaande structuren en culturen doorbroken worden, en mijn angst is dat de bereidheid om structuren anders in te richten niet groot genoeg is en dat de noodzakelijke cultuurverandering veel meer tijd nodig heeft. Het lastigste bij een cultuurverandering is dat het schier onmogelijk is om die op een vastgestelde deadline te bereiken, het gaat immers om ongrijpbare zaken die ingebakken zijn in de bedrijfscultuur en opvattingen van mensen.

In Enschede is nu een visie nota vastgesteld die uit gaat van eigen kracht en het organiseren van de zorg zo dicht mogelijk bij de mensen. Veel concrete punten staan er nog niet in, maar als het aan mij ligt worden mensen niet eerst twee maanden van het kastje naar de muur gestuurd na een eerste contact, hoeven ze niet meerdere malen hun verhaal te doen en hoeven ze niet met een trits aan zorgverleners afspraken te maken hoe de zorg voor hun kind te organiseren. Dit zijn problemen die vooral ouders nu in het systeem van de jeugdzorg ervaren en waarvoor we nu de kans hebben om deze op te lossen. Om dit om te draaien naar een positieve ervaring moeten gezinscoaches afspraken kunnen maken met aanbieders (daarbij de keuzevrijheid van ouders en jongeren uiteraard wel respecteren) en moet informatie beter gedeeld worden. Met name feedback binnen het systeem is nu gebrekkig waardoor de ene zorgverlener niet weet wat een ander gedaan heeft aan interventies, laat staan weet wat daar de uitkomsten van zijn. Hier zitten ook juridische haken en ogen aan en ik kan vanuit mijn ervaring als IT professional spreken: een dergelijk systeem zet je niet in een of twee jaar op. Bovendien moeten alle betrokken partijen zich committeren aan één systeem met één set aan definities en gegevens. Alleen al het overzetten van bestaande gegevenverzamelingen naar een nieuwe kan partijen er toe doen bewegen hier weinig enthousiasme voor te tonen. Gemeenten moeten dan ook een stok achter de deur hebben om hen hier toch toe aan te zetten. Enschede doet mee aan een pilot om dit op te zetten, ik ben uiterst benieuwd naar de resultaten en wat de verwachtingen zijn als een dergelijk systeem regionaal uitgerold moet worden.

We kunnen alleen andere resultaten (gelijke of betere kwaliteit met minder geld) alleen bereiken als we zaken ook echt anders gaan doen. Een motie van de VVD die op riep om terughoudend te zijn bij het overnemen van preffered supplier schappen of bestaande langlopende contracten en zoveel mogelijk ruimte te bieden aan nieuwe partijen kon op de steun van het CDA en gelukkig die van een meerderheid rekenen. De bezwaren kwamen met name van de kant van de SP, die vreest dat lopende zorgarrangementen weg zullen vallen. Continuiteit moet gewaarbotgd blijven, maar we moeten anders durven kijken naar de organisatie van de zorg en de samenwerking met betrokken partners. En als het nodig is moeten we structuren doorbreken, als de gemeentes alles hetzelfde doen als de provincie of het rijk voorheen, dan zal de bezuiniging niet worden gehaald en zal de kwaliteit zeker niet verbeteren.

Zie ook mijn eerdere bericht over dit onderwerp: https://ejilgun.com/2013/06/04/transitie-jeugdzorg-grote-opgave-grote-zorgen/


SC Enschede tegen Willem II

Beeld uit de wedstrijd SC Enschede - Willem II op 2 april 1965

Volgens de PvdA zijn er te veel voetbalclubs in Enschede en zijn de naamsverandering van Mediterraneo naar FC Suryoye – Mediterraneo en de oprichting van FC Aramea geen goede ontwikkelingen. Vorig jaar nog heeft er een discussie plaats gevonden over het aantal voetbalverenigingen in Enschede in de stedelijke commissie. De wethouder (ook PvdA’er) gaf aan dat Enschede ruim boven de KNVB norm scoort ( wat neer zou komen op 10 a 11 verenigingen) maar dat dit niet direct tot problemen hoeft te leiden. Voetbal is eenmaal een populaire sport in Enschede en omliggende dorpen. Het PvdA commissielid had hier, net als bijna alle anderen, niets tegen in te brengen. Opmerkelijk is het dan dat de PvdA uitspraken doet over het aantal verenigingen in Enschede op het moment dat twee verenigingen met een Syrisch- Aramese signatuur het daglicht zien. In Nederland is de vrijheid van vereniging verankerd in de grondwet. Een vereniging is een verzameling mensen die zich organiseren rondom bepaalde, gedeelde, normen en waarden. Zolang een vereniging niet in strijd met de wet handelt is zij behoorlijk vrij in laten en doen.

Ik weet niet meer hoeveel verder ik, mijn leeftijdsgenoten en zij die jonger zijn nog verder moeten integreren. Überhaupt vraag ik mij af of ik heb móeten integreren aangezien ik in Enschede geboren, opgegroeid, geschoold en maatschappelijk actief ben. Integreren doe je als je van buiten een groep komt en door bepaalde aanpassingen kunt samenwerken met leden uit die groep. Maar als je naar de groep Suryoye in Enschede kijkt dan lijken zij dit over het algemeen toch behoorlijk of zelfs heel goed te doen, dit is zelfs door bestuurders van deze stad meerdere malen geuit. Uiteraard zijn er wel eens problemen maar waar zijn deze niet. Zijn er geen problemen in wijken waar weinig niet Nederlanders wonen? Waarom zou een gemeenschap niet gewoon problemen kunnen hebben zonder deze gelijk op integratie te betrekken? Daarbij neem ik nog steeds aan dat actieve sportbeoefening altijd positief is en niet in een keer een probleem is als het label blijkbaar verkeerd valt.

Ik ben het eens met mensen die stellen dat het beter is voor taal en sociale ontwikkeling om in meer gemengde groepen te sporten en te participeren. Maar dit is lastig aangezien een bestaande club vaak ook een eigen cultuur (waarden en normen) kent en waarbij het niet altijd makkelijk is om je aan te passen. Een jongen uit Pathmos zal waarschijnlijk makkelijker zijn draai bij UDI dan bij bijvoorbeeld Sparta vinden. Aan de andere kant zijn ook positieve ontwikkelingen bij de FC Suryoye en FC Aramea te zien. In de logo’s en volledige clubnamen hebben zij ‘Enschede’ staan. Bij beide spelen meiden en dames in teamverband, dit is tot nog toe bij verschillende andere  clubs niet gelukt. Bij beide is de voertaal Nederlands omdat leden niet één enkele maar verschillende achtergronden hebben. Vrijwilligers die het Nederlands niet goed machtig zijn kunnen toch geactiveerd worden omdat de omgeving van de club hen wat meer bescherming geeft. Bovendien speel je toch al gauw 20 wedstrijden in het seizoen tegen andere clubs met elk een andere achtergrond en geschiedenis. Sport blijft verbroederen.

De reactie van de PvdA had ik niet verwacht. Als die uit de PVV hoek gekomen zou zijn had me dat veel minder bevreemd. Natuurlijk hebben beide clubs een verantwoordelijkheid op het gebied van het stimuleren van goed burgerschap van hun leden. Maar de clubs moeten wel die kans krijgen en niet gelijk met wantrouwen worden bejegend. Het lijkt er haast op dat als je niet etnisch Nederlands bent je de schijn al tegen je hebt. Ondanks dat je maar één nationaliteit hebt welke de Nederlandse is, het Nederlands als hoofdtaal spreekt en je gewoon naar school gaat of werkt. Wat is er dan op tegen dat je bij een club wil spelen waar je nog een stukje van je eigen cultuur en trots kunt delen en dat onderdeel laat zijn van je identiteit?


voetbalEnschede is een voetbalclub rijker. In de TC Tubantia werd onlangs aangekondigd dat FC Aramea komend seizoen van start zal gaan met drie teams en een plekje gevonden heeft op het Diekman. Ik was al reeds langer op de hoogte van het voornemen om deze club op te richten en heb hier al veel meningen over gehoord. De wens om een Aramese club in Enschede op te richten is al zo oud als dat er Arameeërs in Enschede zijn, sinds begin jaren 80 dus. Alleen het kwam er nooit van. Behoorlijk voetbalgek als de gemeenschap is speelt dan ook de Aramese jeugd bij diverse clubs in de stad en neemt het aandeel meiden ook toe. Dit zal ook zeker zo blijven aangezien de nieuwe club te klein is om de hele groep te huisvesten en dit ook niet het doel is. Ze willen juist mensen die iets zoeken waar ze zich mee kunnen identificeren en op hun gemak bij voelen faciliteren. Een van de krachten die de mensen enorm motiveert is FC Syrianska uit Zweden, ook een Aramese club en onlangs gepromoveerd tot de Zweedse eredivisie. Oude bekende Sharbel Touma speelt er nu zijn wedstrijden.

Maar hoe zit het met de integratie? Zijn er niet genoeg of zelfs teveel clubs in Enschede? Die eerste vraag is een moeilijke. TVV (Turks), SVV (Surinaams) en Mediterraneo (Italiaans) bestaan al 20 jaar of langer.  FC Aramea is opgericht door de tweede en vooral de derde generatie. Ik heb niets gevonden of gehoord dat een dergelijke cultuurclub per se een negatieve invloed heeft op de integratie. Wel ben ik van mening dat een gemengd team en een gemengde club eerder een positief effect zullen hebben. Ik ben er niet bang voor dat het Nederlands verdrongen gaat worden. Ik heb de oprichters op het hart gedrukt ervoor te waken dat de club teveel naar binnen gekeerd zal zijn. Zoek juist die contacten op en bouw ze uit en ga op zoek naar verbindingen om je heen. De circa 80 wedstrijden die de drie teams met elkaar spelen per jaar moeten hier een goede gelegenheid voor zijn. Misschien dat bezoekende clubs nu beter de Aramese cultuur leren kennen.

Het is inderdaad zo dat Enschede meer voetbalclubs heeft dan wat de KNVB als norm hanteert (1 club op 15.000 inwoners). In dat opzicht zouden er ongeveer 11 clubs in Enschede horen te zijn. Al jaren overstijgen we dit ruim en op een paar gevallen na gaat het om clubs met een rijke geschiedenis en diepe wortels in de wijk die geen problemen hebben het hoofd boven water te houden. Hier kunnen we ons alleen maar gelukkig mee prijzen en trots op zijn. Op arbeidersclubs als UDI (Drentse roots) en Rigtersbleek, christelijke verenigingen als Vogido en EMOS (katholiek) en Achilles en Sparta (protestants) en cultuurclubs als ’t Centrum, TVV, SVV en Mediterraneo. Waren deze allemaal niet opgericht voor en door een groep mensen met gedeelde normen en waarden? De vrijheid van vereniging vind ik een parel in onze democratie. Als een club bestaansrecht heeft gun ik ze de kans om zowel maatschappelijke als sportieve successen na te jagen. Een gemeente moet niet per definitie verenigingen of groepen mensen uitsluiten.